Informatiebijeenkomst omtrent lagere regelgeving Kansspelen op afstand 

Op 31 mei licht het ministerie van Justitie en Veiligheid de lagere regelgeving rond het wetsvoorstel Kansspelen op afstand toe. Deze notitie bevat, samengevat, de belangrijkste voorwaarden waaraan voldaan moet zijn wil een vergunning tot het aanbieden van kansspelen worden verleend. Daarbij wordt ingegaan op de doelstellingen en uitgangspunten van het kansspelbeleid en vervolgens, per doelstelling, de belangrijkste eisen. In de bijeenkomst van 31 mei worden deze nader toegelicht en is er gelegenheid vragen te stellen.

Doelstellingen
Het wetsvoorstel Kansspelen op afstand is een wijziging van de bestaande Wet op de kansspelen en beoogt het reguleren van onlinekansspelen in Nederland. De doelstellingen daarbij zijn: 1) Voorkomen van kansspelverslaving.
2) Consumentenbescherming.
3) Voorkomen van kansspelgerelateerde criminaliteit, zoals fraude en witwassen.

Naast verplichtingen voor vergunninghouder, geeft de Wet op de kansspelen taken en bevoegdheden aan de Kansspelautoriteit om toe te zien op naleving van de verplichtingen door de vergunninghouder en, waar nodig, handhavend op te treden.

Uitgangspunten
Het is niet toegestaan in Nederland kansspelen te organiseren. De Wet op de kansspelen maakt hierop een uitzondering voor houders van een vergunning. Vergunninghouders moeten verantwoorde deelname aan kansspelen mogelijk maken, waarbij eigen verantwoordelijkheid van de speler het uitgangspunt is. Echter, de vergunninghouder moet spelers wel zoveel mogelijk in staat stellen deze eigen verantwoordelijkheid te nemen. De vergunninghouder heeft een zorgplicht naar zijn spelers. Ook moet hij zorg dragen dat door hem georganiseerde kansspelen niet worden misbruikt voor criminele doeleinden. Met andere woorden: aan een vergunning zijn voorwaarden verbonden. Aanbieders die niet aan deze voorwaarden (kunnen) voldoen komen niet voor een vergunning in aanmerking.

Eisen in wet‐ en regelgeving
Voorwaarden die aan het organiseren van kansspelen op afstand worden gesteld, zijn vastgelegd in de Wet kansspelen op afstand en de bijbehorende lagere regelgeving. Met oog op de snelle (technologische) ontwikkelingen in de kansspelmarkt is gekozen voor een Wet op hoofdlijnen, meer gedetailleerde eisen worden gesteld in het Besluit en de Regeling kansspelen op afstand. Met het wetsvoorstel Kansspelen op afstand wijzigt ook bestaande regelgeving, vastgelegd in het Besluit en de Regeling Werving, reclame en verslavingspreventie. Het doel bij de wijziging is flexibele en duurzame regelgeving die zoveel mogelijk techniekneutraal is. Om die reden laat de regelgeving in voorkomende gevallen meer ruimte aan de Kansspelautoriteit, bijvoorbeeld voor het bepalen van specifieke technische vereisten. Onderstaand volgt in hoofdlijnen een samenvatting van de wet‐ en regelgeving naar de hierboven geformuleerde doelstellingen van het Nederlandse kansspelbeleid.

Voorkomen van kansspelverslaving
Het voorkomen van kansspelverslaving is de eerste doelstelling van het Nederlandse kansspelbeleid. Om de speler zoveel mogelijk in staat te stellen zijn speelgedrag in de hand te houden, worden strenge eisen gesteld aan de vergunninghouder. Het uitgangspunt is het voorkomen van problematisch speelgedrag door speelgedrag te analyseren en waar nodig tijdig hierin te interveniëren. Het sluitstuk van dit preventiebeleid is het Centraal Register Uitsluiting Kansspelen, waarmee spelers zich kunnen (laten) uitsluiten van deelname aan kansspelen. Verslavingspreventie speelt ook een rol in de eisen die worden gesteld aan reclame van de vergunninghouder. De belangrijkste eisen kunnen in 8 punten worden samengevat.

1. De vergunninghouder voert een sluitend deurbeleid. Hij verleent in ieder geval geen toegang tot zijn (online) speelruimten aan een speler:
‐ jonger dan 18 jaar.
‐ ingeschreven in het Centraal Register Uitsluiting Kansspelen (CRUKS). (punt 4)
‐ waarvan hij anderszins kan vermoeden dat hij zijn speelgedrag niet in de hand heeft.

2. De vergunninghouder beschikt over een preventiebeleid waarin uiteengezet wordt op welke wijze hij uitvoering geeft aan zijn zorgplicht. Dit beleid wordt ontwikkeld, toegepast en onderhouden in samenwerking met deskundigen op het gebied van verslavingszorg. Hierbij geeft hij ook invulling aan het getrapte interventiemodel (punt 3). De vergunninghouder rapporteert periodiek aan de Ksa over de uitvoering van dit preventiebeleid.

3. De vergunninghouder geeft invulling aan het getrapte interventiemodel. Daarvoor registreert en analyseert de vergunninghouder het speelgedrag van zijn spelers.
Informeren: In samenwerking met deskundigen uit de verslavingszorg stelt de vergunninghouder informatie op voor de speler over onder meer verantwoord speelgedrag en de risico’s van deelname aan kansspelen. De informatie moet op duidelijke en passende wijze aan de speler worden aangeboden.
Inzicht: De vergunninghouder helpt spelers inzicht te krijgen in het speelgedrag. Hij laat spelers
een spelersprofiel met speellimieten invullen. Aan de hand daarvan geeft hij de speler feedback op zijn speelgedrag, onder meer door middel van pop‐ups.
Interventie: De vergunninghouder intervenieert op passende wijze wanneer analyse van het speelgedrag daar aanleiding toe geeft. In een persoonlijk onderhoud onderzoekt de vergunninghouder het speelgedrag en verwijst hij indien nodig naar passende hulp. Uitsluiten: Bij problematisch speelgedrag wordt de speler uitgesloten door middel van CRUKS. Uitgangspunt is vrijwillig, maar vergunninghouder moet de speler indien noodzakelijk ook onvrijwillig aanmelden voor uitsluiting.

4. Er komt een Centraal Register Uitsluiting Kansspelen (CRUKS). Spelers die niet willen deelnemen aan kansspelen kunnen zich inschrijven in CRUKS. Wanneer een speler is ingeschreven in CRUKS is het niet meer mogelijk deel te nemen aan vergunde kansspelen op afstand, in speelcasino’s of speelautomatenhallen. Vrijwillige inschrijving is het uitgangspunt. In voorkomende gevallen kunnen spelers ook worden aangemeld door naasten of vergunninghouder. In dat geval kan de Ksa een speler onvrijwillig inschrijven in CRUKS.

5. Reclame kan consumenten aanzetten tot (onmatige) deelname aan kansspelen. Daarom moet de vergunninghouder bij elke afzonderlijke wervings‐ en reclameactiviteit de consument zichtbaar wijzen op de risico’s van onmatige deelneming aan kansspelen. Onder aanzetten tot onmatige deelneming valt in ieder geval:
‐ het bagatelliseren van de gevolgen van onmatige deelname.
‐ het presenteren van kansspelen als oplossing voor financiële of andere persoonlijke problemen.

6. Reclame mag niet gericht zijn op kwetsbare groepen. Onder kwetsbare groepen vallen in ieder geval:
‐ minderjarigen.
‐ jongvolwassenen (18‐24 jaar).
‐ Spelers waarbij risicovol gedrag is geconstateerd.

7. Het verstrekken van gratis speeltegoed in de vorm van bonussen is niet verboden, maar wel gebonden aan strenge eisen:
Bonussen mogen niet zijn afgestemd op individueel speelgedrag.
‐ Bonussen mogen niet gericht zijn op kwetsbare groepen, waaronder in ieder geval: o Jongvolwassenen (18‐24 jaar). o Spelers bij wie risicovol gedrag is geconstateerd.

8. Het bestaande tijdslot voor televisiereclame geldt ook voor onlinekansspelen. Televisiereclame is niet toegestaan tussen 06:00 uur en 19:00 uur.

Consumentenbescherming en spelsoorten
De tweede doelstelling van het Nederlandse kansspelbeleid is consumentenbescherming. Kansspelen zijn veelal intransparante producten die gekenmerkt worden door informatieasymmetrie. De speler moet erop kunnen vertrouwen dat het spel eerlijk verloopt en betrouwbaar is, en dat zijn spelerswinst ook daadwerkelijk wordt uitgekeerd. De belangrijkste eisen kunnen worden samengevat in 8 punten.

1. De vergunninghouder informeert de speler op voor de speler begrijpelijke en passende wijze over onder meer:
‐ Zijn algemene voorwaarden
‐ De door hem georganiseerde kansspelen (inclusief o.a. spelregels en winkansen) ‐ Totale kosten van deelname aan het kansspel

2. De vergunninghouder biedt de speler geen krediet aan. Ook een negatief saldo op de speelrekening (punt 5) is niet toegestaan.

3. Indien de vergunninghouder (onderdelen van) zijn spelsysteem uitbesteedt, blijft hij verantwoordelijk voor de naleving van alle wettelijke vereisten en de mogelijkheid tot toezicht hierop.

4. De vergunninghouder kan casinospelen, sportweddenschappen en weddenschappen op paardenrennen en harddraverijen aanbieden. Het aanbieden van loterijen is niet toegestaan. Het spelaanbod moet onder meer de volgende eisen voldoen:
‐ Een spel kan alleen beginnen door middel van een duidelijke handeling van de speler.
‐ De speler kan niet meer verliezen dan zijn inzet.
‐ Spelers mogen niet tegen zichzelf spelen of samenspannen met andere spelers.
‐ De naam en uiterlijk van het spel mogen niet misleidend zijn.
‐ Het spel mag niet aanzetten tot deelname van minderjarigen of andere kwetsbare groepen.

5. Betalingstransacties tussen speler en vergunninghouder vinden uitsluitend plaats via de speelrekening. Daarbij zijn alleen betaalinstrumenten toegestaan die ondubbelzinnig tot de speler herleidbaar zijn. Eisen met betrekking tot de speelrekening zijn onder meer:
‐ Per speler is één speelrekening toegestaan
‐ Gekoppeld aan één tegenrekening van de speler, voor het uitkeren van het saldo.
‐ Crediteren en debiteren gebeurt zonder onnodige vertraging.
‐ De speelrekening is gescheiden van het risicodragend kapitaal van de vergunninghouder.

6. Voor ingebruikname onderwerpt de vergunninghouder zijn gehele spelsysteem aan keuring door een aangewezen keuringsinstelling. Iedere (voorgenomen) wijziging wordt door de vergunninghouder vooraf aan een eigen keuring onderworpen. Daarnaast dienen (voorgenomen) wijzigingen in kritieke onderdelen van het spelsysteem vooraf gekeurd te worden door een aangewezen keuringsinstelling. Niet‐kritieke onderdelen kunnen tot 120 dagen achteraf worden gekeurd door een aangewezen instelling. Om kritieke onderdelen te identificeren, maakt de vergunninghouder een risicoanalyse van zijn spelsysteem en verantwoordt dit aan de Ksa.

7. Aangewezen keuringsinstellingen dienen te voldoen aan accreditaties:
‐ NEN‐EN‐ISO/IEC 17020 of 17025 voor keuringswerkzaamheden
‐ NEN‐EN‐ISO/IEC 17021 voor certificeringswerkzaamheden

8. De vergunninghouder beschikt over een klantendienst die 24 uur per dag bereikbaar is. Communicatie moet in ieder geval in het Nederlands kunnen plaatsvinden. Daarnaast voorziet de vergunninghouder in een duidelijke, transparante en gratis klachtenprocedure.

Voorkomen kansspelgerelateerde criminaliteit
Het voorkomen van criminaliteit is de derde doelstelling van het Nederlandse kansspelbeleid. Daarbij kan het gaan om fraude door de kansspelaanbieder, maar vergunde kansspelen kunnen ook worden misbruikt voor criminele activiteiten door derden, zoals bijvoorbeeld witwassen en matchfixing. Om fraude en overige criminaliteit te voorkomen, moeten vergunninghouders voldoen aan strikte eisen en moeten zij voldoen aan de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). De eisen ten aanzien van het voorkomen van fraude en overige criminaliteit is samen te vatten in 8 punten.

1. Een vergunninghouder is betrouwbaar. De Ksa onderzoekt dit bij de vergunningaanvraag. Bij twijfel wordt geen vergunning verleend. De Kansspelautoriteit (Ksa) onderzoekt onder meer: ‐ Wie de uiteindelijk belanghebbende is.
‐ Relevante antecedenten (bestuurlijk en strafrechtelijk) van beleidsbepalers, vermogensverschaffers, leidinggevenden en personen op sleutelposities.
‐ Ervaringen van buitenlandse toezichthouders met de vergunningaanvrager.

2. De vergunninghouder vergewist zich van de betrouwbaarheid van zijn leidinggevenden, personen op sleutelposities en van de personen die met spelers in aanraking komen. Daarbij kijkt hij naar antecedenten, mogelijke belangenverstrengeling en andere relevante relaties met derden. Hij legt hierover verantwoording af aan de Ksa.

3. De vergunninghouder beschikt over een integriteitsbeleid voor het onderkennen en voorkomen van:
‐ Witwassen en financieren van terrorisme (punt 5)
‐ Fraude en misbruik van vergunde kansspelen (punt 6)
‐ Matchfixing (punt 7 en 8)

4. De vergunninghouder moet de identiteit van de speler vaststellen alvorens hem in te schrijven als speler. De vergunninghouder verifieert de vastgestelde identiteit zo snel mogelijk, maar uiterlijk binnen 30 dagen. Wanneer de identiteit niet geverifieerd kan worden, moet de speler door de vergunninghouder worden uitgeschreven. Tot de identiteit is geverifieerd mag speelwinst of gratis speeltegoed niet aan de speler worden uitgekeerd.

5. Ter voorkoming van fraude en witwassen worden diverse eisen gesteld, waaronder:
‐ Betaalinstrumenten zijn ondubbelzinnig te herleiden tot de speler.
‐ Betaalinstrumenten zijn uitgegeven door kredietinstellingen en betaaldienstverleners die zijn vergund volgens EU‐richtlijnen 2013/36/EU of 2007/64/EG.
‐ Saldo op de speelrekening wordt uitsluitend overgemaakt naar de geverifieerde tegenrekening van de speler.
‐ De vergunninghouder registreert alle transacties van en naar de speelrekening.
‐ De vergunninghouder rapporteert verdachte transacties bij de FIU.

6. Om fraude en misbruik van de vergunde kansspelen te voorkomen draagt de vergunninghouder er zorg voor dat:
‐ Spelers niet meer dan één account kunnen aanmaken bij de vergunninghouder.
‐ Niet tegen zichzelf kunnen spelen.
‐ Niet samen kunnen spannen.
‐ Zoveel mogelijk wordt voorkomen dat spelers onder het account van een ander deelnemen.
‐ Personen werkzaam bij de vergunninghouder niet deelnemen aan de door hem georganiseerde kansspelen.

7. Ter voorkoming van matchfixing organiseert de vergunninghouder in ieder geval geen weddenschappen op jeugdwedstrijden en negatieve of eenvoudig te manipuleren spelmomenten.
Wedstrijden die geen enkel belang kennen voor de competitie in de betreffende sport, waar
sporters niet worden betaald of die niet objectief worden vastgelegd zijn ook uitgesloten van aanbod van weddenschappen. Tot slot biedt de vergunninghouder geen weddenschappen aan op wedstrijden waarop in het land waar die wedstrijd wordt georganiseerd, wegens risico op manipulatie geen weddenschappen mogen worden afgesloten.

8. Met oog op matchfixing maakt de vergunninghouder twee analyses.
De eerste analyse ziet op de professionaliteit van de wedstrijd. De vergunninghouder mag geen weddenschappen aanbieden op amateurwedstrijden. Daartoe analyseert hij de wedstrijd, waarin hij onder meer betrekt in welke mate spelers worden betaald, de wedstrijd van belang is en er sprake is van objectieve verslaglegging. Deze analyse hoeft de vergunninghouder niet te maken ten aanzien van de sportcompetities die zijn opgenomen in de witte lijst. Deze witte lijst wordt opgesteld na overleg met sportbonden en vergunninghouders.
De tweede analyse heeft betrekking op de weddenschap en richt zich op het onderkennen van opmerkelijke en verdachte gokpatronen. Daarbij kijkt de vergunninghouder onder meer naar het aantal weddenschappen en de bedragen die worden ingezet. Opmerkelijke en verdachte gokpatronen moeten onverwijld worden gemeld aan de Sports Betting Intelligence Unit van de kansspelautoriteit en de sportbond die de wedstrijd organiseert.

Toezicht
Ten aanzien van alle publieke doelen geldt dat de Kansspelautoriteit toeziet op naleving van wet en regelgeving. Om de Kansspelautoriteit te helpen bij haar toezichtstaak, zijn enkele aanvullende verplichtingen opgenomen:
‐ vergunninghouders moeten financiële zekerheid stellen van maximaal de geldboete van de zesde categorie (thans € 830.000,‐).
‐ vergunninghouders moeten periodiek en incidenteel rapporteren aan de Kansspelautoriteit.
‐ Vergunninghouders plaatsen een controledatabank in Nederland. Relevante toezichtgegevens worden hierin gepseudonimiseerd en near real‐time opgeslagen. De Kansspelautoriteit en de Belastingdienst hebben toegang tot deze controledatabank. De volgende gegevens moeten in ieder geval worden opgeslagen in de controledatabank: o Aanpassingen en overschrijdingen van het spelersprofiel o Aanleiding en aard van interventies in het speelgedrag o Mutaties in de speelrekening o Inzet en speelwinst per spelsoort

Bron: ministerie van Justitie en Veiligheid

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *